skip to Main Content

Toegankelijke vormgeving

Leesbaar voor
iedereen

Vormgeving is nooit meer alleen voor druk, er zal ook altijd een digitale versie komen. Deze is niet alleen voor je vaste lezers, maar ook voor je vaste luisteraars die van een screen reader gebruikmaken. Ook vormgeving moet daarom voldoen aan de WCAG-webrichtlijnen. Heel kort samengevat betekent dit dat het waarneembaar, bedienbaar, begrijpelijk en robuust moet zijn. Alleen dan is het door bijna iedereen te lezen of luisteren.

Laat je van je media-uiting een PDF-versie maken? Daarvoor gelden ook allerlei eisen voor de toegankelijkheid. Meer weten over hoe het zit met PDF’s en toegankelijkheid? Daar hebben we een handige pagina over geschreven.

Toegankelijk digitaal magazine

Een bekende media-uiting die tegenwoordig steeds vaker digitaal aangeboden wordt is het magazine. Als je je magazine ook digitaal beschikbaar wilt maken zijn de WCAG-richtlijnen daarvoor goede handvaten, maar het is belangrijk om altijd te controleren of het ook echt toegankelijk is voor de doelgroep. Daarom werken wij altijd nauw samen met onze klanten als het gaat om het toegankelijk maken van hun media. Hoe dat proces in zijn werk gaat kun je lezen in het artikel van de Macula Vereniging over hun samenwerking met MEO.

Wat je moet weten over de WCAG

We hebben het al een aantal keer gehad over WCAG-richtlijnen, maar wat zijn dat precies? Als je het hebt over digitale toegankelijkheid, dan ontkom je niet aan deze voorschriften. Het zijn regels die zijn opgesteld om ervoor te zorgen dat zoveel mogelijk mensen een website, digitaal magazine of PDF-bestand kunnen lezen of luisteren. De WCAG-richtlijnen zijn ontworpen aan de hand van vier principes: waarneembaar, bedienbaar, begrijpelijk en robuust.

1. Waarneembaar

Het eerste onderdeel van de WCAG-richtlijnen is de waarneembaarheid. De vormgeving moet goed leesbaar zijn. Denk hierbij aan een groot genoeg contrast tussen de kleur van de letters en die van de achtergrond. Een gekleurde achtergrond of lichte letters zijn daardoor vaak al uitgesloten, want dit zorgt ervoor dat je vormgeving slecht leesbaar is voor mensen die kleurenblind zijn of last hebben van een visuele beperking.

De waarneembaarheid gaat niet alleen over of iets duidelijk zichtbaar is of niet. Een tekst moet immers ook goed voorgelezen kunnen worden door een screen reader, voor mensen die niet of nauwelijks meer kunnen zien. Als er afbeeldingen in staan die relevant zijn, moet daar voor de digitale versie een beschrijving bij gemaakt worden, die precies uitlegt wat er te zien is. Dit zorgt ervoor dat er geen informatie ontbreekt als iemand het via een screen reader laat voorlezen.

2. Bedienbaar

Het tweede principe van de WCAG schrijft voor dat de digitale versie bedienbaar moet zijn. Lezers of luisteraars moeten in staat zijn om alle informatie te vinden, en op de juiste manier in zich op te nemen. De alinea’s moeten in de juiste volgorde opgelezen worden, het navigeren door de verschillende pagina’s moet logisch zijn en visuele hulpmiddelen als tabellen en grafieken moeten ook geschikt zijn voor een screen reader.

Vooral dat laatste gaat vaak mis. Een tabel vol gegevens (zoals een kalender) lijkt handig, maar zonder de juiste aanpassingen wordt dit verkeerd voorgelezen. Een luisteraar hoort dan achter elkaar ‘maandag, dinsdag, woensdag, donderdag, vrijdag, zaterdag, zondag’ en pas later de activiteiten die op deze dagen plaatsvinden. Het is dan niet meer duidelijk wat waarbij hoort.

Dit valt op te lossen door de informatie volledig uit te schrijven als zin. Bijvoorbeeld: ‘de afvalcontainer wordt opgehaald op maandag 3 januari, maandag 10 januari, maandag 17 januari’, enzovoort. Dit gaat wel ten koste van de vormgeving, een afweging die als het om toegankelijkheid gaat vaker gemaakt moet worden.

3. Begrijpelijk

Een ander belangrijk onderdeel van toegankelijkheid is de taal. Hoe begrijpelijk zijn de woorden die je gebruikt. Als je het toegankelijk wil houden, moet je zo min mogelijk moeilijke woorden gebruiken. Zo kunnen zoveel mogelijk mensen het volgen, ook als ze de Nederlandse taal minder goed beheersen. Of beter (en makkelijker) gezegd: snappen. Er bestaan verschillende taalniveaus die aangeven hoe begrijpelijk (en dus toegankelijk) een tekst is.

Voor WCAG wordt taalniveau B1 aangeraden. 95 % van de mensen in Nederland kunnen een tekst van niveau B1 lezen. Het woord toegankelijk is trouwens niet B1 en dus ook niet toegankelijk. Een voorbeeld van een woord dat ongeveer hetzelfde betekent en wel B1 is, is ‘makkelijk’.

4. Robuust

Of je digitale vormgeving robuust is, kun je niet meteen zien. Dit heeft namelijk te maken met de opmaaktaal die ervoor zorgt dat kopjes, tussenkopjes, alinea’s en tabellen goed worden weergegeven. En dus ook op de juiste manier en in de goede volgorde worden voorgelezen door een screen reader.

Deze opmaaktaal, html, moet goed in elkaar steken om volledig toegankelijk te zijn volgens de WCAG-regels. Hier gaat vaak nog veel werk in zitten, zeker als je pas achteraf gaat kijken of het wel toegankelijk is. Het beste is daarom om al tijdens het vormgeven rekening te houden met de toegankelijkheid.

Ondersteuning

Wil je de vormgeving van jouw organisatie graag toegankelijk(er) maken? Onze vormgevers staan klaar om te helpen. Samen gaan we op zoek naar de beste balans tussen toegankelijkheid en design. Neem vooral eens contact op met ons om te vragen naar de mogelijkheden.

waar we trots op zijn

Meest recente projecten

Back To Top